* * * UITGELICHT : Powerpoint presentatie "De 99 Schone Namen van Allah" * * *

donderdag 28 april 2005

Op ontdekkingsreis (II)

Ik hou van de koran. Soms sla ik ‘m open zonder vooropgesteld doel. Dan ben ik niet op zoek naar een specifieke soera of aya, maar ga ik gewoon op ontdekkingsreis. Deze keer ben ik echter op zoek naar een specifieke soera. Tijdsbesef ben ik vaak volledig kwijt, alles lijkt op hetzelfde moment te gebeuren. Sinds mijn diagnose ADHD ben ik mij daar nog meer van bewust dan voorheen. Op zoek naar het begrip Tijd in de koran, kom ik dan al snel terecht bij soera Al-’Asr. Ik pak dezelfde koran met Engelstalige uitleg erbij als vermeld in mijn log Op ontdekkingsreis (I) van 11 april 2004. Ik lees de Arabische tekst en de betekenis van de soera in het Engels.

En ja, ik ben wederom aangenaam verrast wanneer de commentatoren in de voetnoten opnieuw verwijzen naar iemand uit de seculiere literatuur om een bepaald gegeven, in dit geval Tijd, nader toe te lichten. Deze keer wordt Shakespeare aangehaald; in het bijzonder zijn sonnetten (zie: Iloveshakespeare.com). Als voorbeelden worden aangehaald de sonnetten 5, 12 en 64. Daar ik geen goede vertaler ben, citeer ik nu letterlijk de betreffende voetnoot en de drie andere voetnoten die deel uit maken van de uitleg van soera Al-’Asr in deze Saoedi-Arabische editie van de koran.
Voetnoot 6262 bij 103:1 Al-’Asr may mean: (1) Time through the ages, or long periods, in which case it comes near to the abstract idea of Time, Dahr; (2) or the late afternoon, from which the ‘Asr canonical prayer takes its name. An appeal is made to Time as one of the creations of Allah, of which everyone knows something but of which no one can fully explain the exact significance. Time searches out and destroys everything material. No one in secular literature has expressed the tyranny of "never-resting Time" better than Shakespeare in his Sonnets. For example, see Sonnets 5 ( "never-resting Time"), 12 ("Nothing gainst Time’s scythe can make defence"), and 64 ("When I have seen by Time’s fell hand defaced The rich proud cost of outworn buried age"). If we merely run a race against Time, we shall lose. It is the spiritual part of us that conquers Time. See verse 3 below. [bedoeld wordt aya 3 en de uitleg in voetnoten 6264 en 6265]

Voetnoot 6263 bij 103:2 If life be considered under the metaphor of a business bargain, man, by merely attending to his material gains, will lose. When he makes up his day’s account in the afternoon, it will show a loss. It will only show profit if he has Faith, leads a good life, and contributes to social welfare by directing and encouraging other people on the Path of Truth and Constancy.

Voetnoot 6264 bij 103:3 Faith is his armour, which wards off the wounds of the material world; and his righteous life is his positive contribution to spiritual ascent.

Voetnoot 6265 bij 103:3 If he lived only for himself, he would not fulfil his whole duty. Whatever good he has, especially in moral and spiritual life, he must spread among his brethren, so that they may see the Truth and stand by it in patient hope and unshaken constancy amidst all the storm and stress of outer life. For he and they will then have attained Peace within.

Bron: The Holy Qur-ân, English translation of the meanings and Commentary (uitgave onder auspiciën van het Min. van Hajj en Donaties van Saoedi-Arabië)
Mash’Allah. Laat ik nu juist die benadering van de vierde aya, spirituele kennis delen met anderen, gisteren in een uitzending van Dunyaa FM een onderwerp zijn geweest. Het betreft hier een praatprogramma in het Wolof, dus uitleg van mijn vrouw Ndoya is in deze onontbeerlijk gebleken. Het onderwerp wordt geïllustreerd met een parabel over twee zieken die elk worden bezocht door een engel in de gedaante van een man. De parabel gaat ongeveer als volgt (zo her en der laat ik mijn mash’Allah eigen creativiteit in taal spreken):
Dit is het verhaal van twee mannen die beiden lijden aan een vreselijke vorm van schurft en andere huidaandoeningen. Zich reinigen doet pijn en dus verzaken zij zich te wassen. Het vuil hoopt zich op in hun poriën, de mannen verspreiden een onaangename geur die mensen doet terugdeinzen.

Op een dag wordt de één bezocht door een engel in een menselijke gedaante. Deze zorgt ervoor dat de man van zijn aandoeningen wordt verlost en zich weer zonder pijn kan reinigen. De engel vraagt hem dan wat hij nog meer wenst. De man zegt dat hij rijkdom en aanzien wenst. Dat wordt hem gegeven. Op een andere dag wordt de ander bezocht door dezelfde engel. De engel zorgt er ook nu voor dat de ander van zijn aandoeningen wordt verlost en zich weer zonder pijn kan reinigen. De engel vraagt ook hem wat hij nog meer wenst. Ook hij wenst rijkdom en aanzien. Dat wordt hem gegeven.

Dan bezoekt de engel hen opnieuw. Deze keer als een man die lijdt aan een vreselijke vorm van schurft en andere huidaandoeningen. Zich reinigen doet pijn en dus verzaakt hij zich te wassen. Het vuil hoopt zich op in de poriën, hij verspreidt een onaangename geur die mensen doet terugdeinzen. Hij bezoekt de eerste man: "Neem hem mee en zet hem buiten de deur!" zegt deze tegen zijn bedienden wanneer hij de vuile man ziet binnen komen, bang dat zijn aanzien wordt aangetast, bang dat zijn rijkdom wordt aangetast. Dan bezoekt hij de tweede man: "Kom binnen en ga zitten", zegt de tweede man. "Vroeger was ik net zo: ziek en vuil en niemand die met mij geassociëerd wilde worden. Maar nu is dat anders, alhamdulillah." De tweede man geeft de vuile man eten, drinken, de gelegenheid zich te reinigen en een bed. "Blijf maar zo lang als je wilt." Het vervolg laat zich raden: de eerste man raakt weer terug bij af en de tweede man blijft zijn rijkdom en aanzien behouden, omdat hij deze met anderen deelt.
De uitleg bij deze parabel zoals die wordt gegeven in de genoemde radio-uitzending van Dunyaa FM gaat – heel in het kort – als volgt: alles wat de mens overkomt is een test gegeven door Allah soebhana wa ta’ala. Ben je arm, dan is dat een test van jouw vertrouwen in Hem, het vertrouwen dat alles goed zal komen want Yàlla baax na: ‘God is Goed’, een uitdrukking die in Senegal vaak wordt gebruikt om jezelf of iemand anders te doen beseffen dat alles weer goed komt als je maar vertrouwen blijft houden in Allah soebhana wa ta’ala. Ben je rijk, dan is dat ook een test. Deel je met anderen die het nodig hebben jouw rijkdom en jouw aanzien, dan zal Allah je incha Allah belonen. Zo dien je ook al je kennis – al is het maar nog zo weinig – over je dien, je religie, te delen met anderen. Hou het nooit voor jezelf.

Laat ik tot slot nogmaals citeren. Deze keer uit de verzameling van Veertig Hadith Qudsi. Hadith nummer 18 (een hadith overgeleverd door Moeslim):
Op gezag van Abu Hurairah (moge Allah tevreden met hem zijn), die zei, dat de Boodschapper van Allah (moge hij de zegeningen en vrede van Allah krijgen) zei: "Allah (de Almachtige en de Verhevene) zal op de Dag der Opstanding zeggen:

"O zoon van Adam, Ik voelde mij ziek en jij hebt Mij niet bezocht."

Hij zal zeggen: "O Heer, en hoe had ik U moeten bezoeken terwijl U de Heer der werelden bent?"

Hij zal zeggen: "Wist je niet dat Mijn dienaar, die en die, ziek is geworden en je hem niet bezocht had? Wist je niet dat als je hem bezocht had, je Mij bij hem aangetroffen zou hebben? O zoon van Adam, Ik heb je om eten gevraagd en je hebt Mij niet gevoed."

Hij zal zeggen: "O Heer en hoe had ik U moeten voeden, terwijl U toch de Heer der werelden bent?"

Hij zal zeggen: "Wist je niet, dat Mijn dienaar, die en die, jou om voedsel had gevraagd en je gaf hem niet te eten? Wist je niet dat als je hem gevoed had, je dat zeker bij Mij gevonden had*. O zoon van Adam, Ik vroeg je om Mij te drinken te geven en je hebt Mij niet te drinken gegeven."

Hij zal zeggen: "O Heer, hoe had ik U te drinken moeten geven want U bent toch de Heer der werelden?" Hij zal zeggen: "Mijn dienaar, die en die, heeft je om drinken gevraagd en je hebt hem niet te drinken gegeven. Als je hem te drinken had gegeven dan had je dat* zeker bij Mij gevonden."

[* Dat wil zeggen de beloning voor een goede daad]
Deze benadering van liefdadigheid is ook bekend bij christenen. Er wordt dan meestal verwezen naar Mattheus 25:31-46 (van origine ben ik Nederlands-Hervormd, vandaar die kennis :-). Mocht je aan dawa willen doen, of aan het kweken van begrip, dan is zo’n overeenkomst een uitstekende aanleiding om het met christenen over islam te hebben.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen

Zeg 't maar

Opmerking: alleen leden van deze blog kunnen een reactie plaatsen.