* * * UITGELICHT : Powerpoint presentatie "De 99 Schone Namen van Allah" * * *

zondag 19 augustus 2007

Oerknal van de humor

Van Bommels humorpamflet "Valt er nog wat te lachen met die moslims" als werkboek. Deze keer neem ik om te beginnen een alinea uit de inleiding – ik zie wel waar verdere bevindingen mij brengen.


For argument’s sake ga ik er vanuit dat Van Bommel zich met zijn humorpamflet de taak heeft gesteld de logica van diverse referentiekaders vast te stellen. Voorwaar een hele klus! Dat klinkt allemaal erg theoretisch, maar gelukkig is Van Bommel niet zuinig met praktijkvoorbeelden. Lees maar het onderstaande citaat dat ook een duidelijke oproep doet tot kwetsbaar opstellen, ieder vanuit zijn eigen terrein, ieder vanuit zijn eigen referèntiekader.


Een duidelijk voorbeeld van een "onderlinge botsing tussen twee referentiekaders". Zonder de door Van Bommel zo verlangde dialoog "met de toestemming om domme dingen tegen elkaar te mogen zeggen" is deze Haagse Schilderswijk schets al komisch genoeg. Lijkt mij een prima opener van de pilot van een multiculti sitcom. Dan laat ik de schrijvers werken aan domme, ontwapenende dialogen en… succes verzekerd! Incha Allah.

Wanneer in een film twee beelden door elkaar worden gemonteerd, gaat in het meest ideale geval de kijker zelf wel het verband zien dat de maker voor ogen heeft. Dat nu, heb ik jaren geleden geleerd, heet het ‘betrekkingsaspect’. Met dank aan docent Harry Kümel, zijn filmanalyselessen uit mijn studiejaar 1991-1992 aan de Nederlandse Film- en Televisie Academie zijn werkelijk goud. Maar goed, dat terzijde.

Zo’n montage waarin gebruik wordt gemaakt van het betrekkingsaspect laat de kijker gedwongen bisociëren. Zijn de twee elementen uit de montagesequentie echter in één beeld, in één kader gevangen (zo ziet in mijn beleving die Schilderswijk schets eruit) dan laat je meer aan de toeschouwer over. Hoewel? Zijn het twee tegengestelde elementen die buiten de beschermde omgeving van een filmset zich in één en dezelfde arena bevinden, dan kun je als aanwezige alleen maar toekijken. Neem nou dat debat dat Van Bommel aan het eind van zijn humorpamflet aanhaalt (zie mijn bespreking gepubliceerd d.d. 9 augustus 2007). Tijdens dit debat komen de kaders van comediènne Shebana Rehman en een Noorse moella in "een onderling plaatsvindende botsing" terecht. De aanwezigen zien dan, al naar gelang hun éigen referentiekader, òf een schokkende gebeurtenis waarin een vrouw een man zomaar durft op te tillen, òf het komisch effect van een botsing.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Zeg 't maar

Opmerking: Alleen leden van deze blog kunnen een reactie posten.